Zee
Uitzicht op zee. In de nacht het geluid van de golven. Voor het slapen gaan een oester. Het zout hecht zich aan je lichaam, in je lichaam. Je wordt zee. Je bent zee. Vakantie aan de Noord-Franse kust. Vakantie is weg zijn van al wat is. En in het weg zijn opnieuw ontdekken wat al wat is, precies is. De zon zakt in de horizon weg. Zover ik kan kijken is er zee. Er is bijna niets dat me doet denken aan wat ik enkele dagen vanaf de achterbank uitzwaaide: Noem het liefde. Het ligt nu ergens in een schrijfkamer op enkele honderden kilometers van mij verwijderd. Of bij u thuis op tafel en als ik geluk heb zelfs in uw handen. Voorlopig dein ik mee op de golven en kom zo nu en dan proestend boven drijven. De zee zit vol verrassingen. Het is eigenlijk net een roman. Af en toe rustig kabbelend om je vervolgens woest heen en weer te slaan. Totaal verbijsterd vraag je je af waarom je in godsnaam op die plek komt boven drijven.